Oké, echt lang zijn we hier niet geweest, maar dat betekent natuurlijk niet dat we er dan ook maar niets over schrijven 😉
We vliegen midden in de nacht van Cali naar Panama Stad en hebben bij aankomst ongeveer een uurtje de tijd om over te stappen op onze vlucht naar David. Niet heel veel tijd, maar beide vluchten zijn met Copa en we gaan er voor het gemak maar even vanuit dat ze weten wat ze doen. Nou, dat hebben we geweten! De gate stond nergens op de borden aangegeven, de gate aangegeven op onze boardingpass bleek een vlucht naar LA te zijn en het antwoord van een medewerker was dat de vlucht waarschijnlijk vertraging zou hebben. Gelukkig was een andere medewerker iets beter op de hoogte en zij kon ons vertellen dat we naar een hele andere terminal moesten, omdat het om een binnenlandse vlucht ging. Op zich heel logisch en we hebben toch best wat vluchtjes achter de rug, maar op het vliegveld van Panama Stad waren we toch een beetje verloren. Eind goed, al goed, we waren echt op de minuut af op tijd en we hoefden dan ook niet lang te wachten tot we airborne waren.
Nog een busritje van 6 uren, waarin we ergens opgevouwen achterin lagen en een boottochtje van een half uurtje waarbij ze verwachten dat je een fooi geeft voor ‘het bewaken van je bagage’ die je gewoon op je schoot hebt, komen we aan op Bocas del Toro! Panama staat bekend als één van de duurste landen van Centraal Amerika en omdat het op dit moment niet is waar wij behoefte aan hebben, kiezen we ervoor om één van de mooiste gedeeltes op te zoeken en te ontdekken en daarna door te gaan naar Costa Rica. En dat gedeelte is de eilandengroep Bocas del Toro.
We hebben een goedkoop hostel gevonden, wat nog in aanbouw is en gerund wordt door 3 backpackers die elkaar tijdens het reizen zijn tegen gekomen en die vrij impulsief besloten hebben dit pand te kopen en om te bouwen tot hostel. Erg leuk! Het is lekker klein en overzichtelijk en het barst van de leuke winkeltjes en restaurantjes, het is dan ook best lastig om niet opeens ons budget te verhogen ;).
Met de fiets gaan we naar Playa Bluff en voor het eerst ervaren we hoe dicht jungle en zee hier bij elkaar liggen. We fietsen er echt precies middenin en dwars doorheen! Het is super groen, het water is blauw en heerlijk benauwd zoals je dat van de jungle verwachten mag. Joost wil om de 5 meter stoppen om een foto te maken, ‘kijk dan, die palmboom!’, ‘wooow, die is nog mooier!’ en ‘daar kun je op klimmen!’ vliegen me om de oren, als een kind zo blij 🙂 Op de terugweg vinden we dat we wel een koud drankje hebben verdiend en zeer toevallig doemt er nét een super leuk tentje op, die ook nog brownies op de kaart heeft! Hier blijven we lang hangen en genieten van het uitzicht en de golfen die steeds drukker bezet worden door surfers. Na school en werk lijkt het halve eiland hier naartoe te komen om te genieten van al het moois wat het leven te bieden heeft. Een heerlijke dag!
Starfish Beach kunnen we natuurlijk ook niet overslaan, een rustig baaitje waar (je verwacht het niet) heel veel zeesterren liggen! De zeesterren moet je zoeken, maar dat kunnen we ze ook niet kwalijk nemen, omdat er toch altijd nog mensen zijn die de behoefte voelen om ze aan te raken en uit het water te pakken. Gelukkig zijn wij sinds de Galapagos in het bezit van een enorm goede snorkelset en weten we ze in het iets diepere water op te sporen. We verlengen ons verblijf nog een nachtje, na zoveel drukke dagen moeten we echt even chillen. Dagje hangmat, boekje, nieuwe recepten uitproberen en serietje kijken en we zijn klaar voor onze reis naar Costa Rica. We zijn al vlakbij de grens, dus slechts 1 boottochtje en een busrit van 1,5 uur en we worden vriendelijk uitgezwaaid door de Panamese douane. We zijn hier nog geen week geweest, maar we vonden het heerlijk!