Oh oh, reismoe in Costa Rica?

Ooit, toen we besloten voor langere tijd op reis te gaan, spraken we al over Costa Rica, een land dat al een hele tijd ergens bovenin ons lijstje stond. De natuur, het zelfvoorzienende karakter, het aanbod voor vrijwilligerswerk en het Spaanstalige was wat ons aantrok. Maar ja, toen kwam Nieuw Zeeland met z’n kansen voor een working holiday visa en was Costa Rica even van de baan. Maar 3,5 jaar later is het dan zover, we zijn er!

We slaan ons tentje op in Puerto Viejo; in de jungle, aan de kust en tussen de aapjes. We vinden het prachtig! Er zijn verschillende stranden op loopafstand, je kunt er goed surfen (als je ervaren bent, niet voor 2 van die kneusjes als wij) of kijken naar de pro’s en de mensen die les krijgen. In het dorpje ontdekken we het ene leuke tentje na het andere, we eten volop brownies en verse salades en weten ook weer een nieuw gerecht aan onze lijst ‘recepten-voor-op-reis’ toe te voegen. Naast pasta’s en wraps, maken we nu ook curry’s! Zonder rijst uiteraard 😉

We huren fietsen om de rest van de kustlijn te ontdekken en in het nationale park Cahuita hebben we het geluk dat er een wasbeer recht voor onze neus voorbij slentert. Ook bij ons tentje kunnen we ons geluk niet op, elke dag zwaaien er aapjes langs én zien we een aantal keer een luiaard van heel dichtbij. Soms iets te dichtbij, want tijdens een heftige regenbui probeert er eentje te schuilen en belandt in de lounge area van ons hostel. Iedereen natuurlijk in rep en roer en beestje volledig in angst, maar gelukkig weet de hostel-eigenaar hem te redden en zonder kleerscheuren (verblinding van camera-flitsen niet meegerekend :s) in een boom te krijgen.

Maarrr ondanks al deze prachtige herinneringen, merken we ook dat we minder genieten dan voorheen. We vinden alles leuk en genieten echt wel, maar echt het ‘on top of the world’ gevoel ontbreekt. Nadat we het eerst een aantal keer ontkent hebben, proberen we dat natuurlijk ontzettend te ontleden, analytisch als we zijn. Ligt het aan de landen? De mensen? Het feit dat veel dingen hier echt heel duur zijn? Of zit het toch stiekem in onszelf?

We hebben zoveel dingen om naar uit te kijken in NL, we kunnen niet wachten tot we onze caravan kunnen verbouwen, ik begin met een cursus, we hebben heel veel ideeën hoe we ons leven willen leven en inrichten, ik mis m’n favoriete gerechten en vrienden en familie voelen verder weg dan ooit. Let’s face it, we willen gewoon naar huis! Wat ook weer veel emoties met zich mee brengt, het is zo bijzonder wat we doen, de vrijheid die we ervaren, de mensen die we ontmoeten, de landen die we zien, de stranden die we bewandelen, de hikes die we maken (ook al zucht en steun ik elke keer weer), in NL zullen we toch een ander leven gaan leiden en dat is eng!

Na heeeel veel wikken en wegen en heel goed voor ogen hebben hoe we ons NLse leven in willen richten, boeken we een ticket, we’re coming home!! En it feels gooood! Het is zo leuk om enthousiaste reacties van vrienden en familie te krijgen en te weten dat ze ons na 4 jaar nog steeds niet vergeten zijn 😉 En dit betekent ook dat ik mijn geliefde furry friend die ik intens mis, fosterhond Logan, kan adopteren! 24 januari komt ie naar NL en zijn mandje staat nu al voor hem klaar 🙂

We besluiten kerst en oud & nieuw nog even in Nicaragua te vieren, we moeten nog even tijd hebben om mentaal afscheid te nemen van dit avontuur, wat begon als de reis van ons leven, zonder eindbestemming en eindtijd, heeft al onze verwachtingen overtroffen. Eeuwig dankbaar en voor altijd in ons geheugen gegrift, kunnen we niet wachten om onze verhalen door te geven én om met een open blik te genieten van al wat NL ons gaat brengen. We will see you soon..

Midweekje Panamá

Oké, echt lang zijn we hier niet geweest, maar dat betekent natuurlijk niet dat we er dan ook maar niets over schrijven 😉

We vliegen midden in de nacht van Cali naar Panama Stad en hebben bij aankomst ongeveer een uurtje de tijd om over te stappen op onze vlucht naar David. Niet heel veel tijd, maar beide vluchten zijn met Copa en we gaan er voor het gemak maar even vanuit dat ze weten wat ze doen. Nou, dat hebben we geweten! De gate stond nergens op de borden aangegeven, de gate aangegeven op onze boardingpass bleek een vlucht naar LA te zijn en het antwoord van een medewerker was dat de vlucht waarschijnlijk vertraging zou hebben. Gelukkig was een andere medewerker iets beter op de hoogte en zij kon ons vertellen dat we naar een hele andere terminal moesten, omdat het om een binnenlandse vlucht ging. Op zich heel logisch en we hebben toch best wat vluchtjes achter de rug, maar op het vliegveld van Panama Stad waren we toch een beetje verloren. Eind goed, al goed, we waren echt op de minuut af op tijd en we hoefden dan ook niet lang te wachten tot we airborne waren.

Nog een busritje van 6 uren, waarin we ergens opgevouwen achterin lagen en een boottochtje van een half uurtje waarbij ze verwachten dat je een fooi geeft voor ‘het bewaken van je bagage’ die je gewoon op je schoot hebt, komen we aan op Bocas del Toro! Panama staat bekend als één van de duurste landen van Centraal Amerika en omdat het op dit moment niet is waar wij behoefte aan hebben, kiezen we ervoor om één van de mooiste gedeeltes op te zoeken en te ontdekken en daarna door te gaan naar Costa Rica. En dat gedeelte is de eilandengroep Bocas del Toro.

We hebben een goedkoop hostel gevonden, wat nog in aanbouw is en gerund wordt door 3 backpackers die elkaar tijdens het reizen zijn tegen gekomen en die vrij impulsief besloten hebben dit pand te kopen en om te bouwen tot hostel. Erg leuk! Het is lekker klein en overzichtelijk en het barst van de leuke winkeltjes en restaurantjes, het is dan ook best lastig om niet opeens ons budget te verhogen ;).

Met de fiets gaan we naar Playa Bluff en voor het eerst ervaren we hoe dicht jungle en zee hier bij elkaar liggen. We fietsen er echt precies middenin en dwars doorheen! Het is super groen, het water is blauw en heerlijk benauwd zoals je dat van de jungle verwachten mag. Joost wil om de 5 meter stoppen om een foto te maken, ‘kijk dan, die palmboom!’, ‘wooow, die is nog mooier!’ en ‘daar kun je op klimmen!’ vliegen me om de oren, als een kind zo blij 🙂 Op de terugweg vinden we dat we wel een koud drankje hebben verdiend en zeer toevallig doemt er nét een super leuk tentje op, die ook nog brownies op de kaart heeft! Hier blijven we lang hangen en genieten van het uitzicht en de golfen die steeds drukker bezet worden door surfers. Na school en werk lijkt het halve eiland hier naartoe te komen om te genieten van al het moois wat het leven te bieden heeft. Een heerlijke dag!

Starfish Beach kunnen we natuurlijk ook niet overslaan, een rustig baaitje waar (je verwacht het niet) heel veel zeesterren liggen! De zeesterren moet je zoeken, maar dat kunnen we ze ook niet kwalijk nemen, omdat er toch altijd nog mensen zijn die de behoefte voelen om ze aan te raken en uit het water te pakken. Gelukkig zijn wij sinds de Galapagos in het bezit van een enorm goede snorkelset en weten we ze in het iets diepere water op te sporen. We verlengen ons verblijf nog een nachtje, na zoveel drukke dagen moeten we echt even chillen. Dagje hangmat, boekje, nieuwe recepten uitproberen en serietje kijken en we zijn klaar voor onze reis naar Costa Rica. We zijn al vlakbij de grens, dus slechts 1 boottochtje en een busrit van 1,5 uur en we worden vriendelijk uitgezwaaid door de Panamese douane. We zijn hier nog geen week geweest, maar we vonden het heerlijk!

Werken, strand, Andes en (bijna) Amazone

Ecuador! Niet echt een bestemming waar we van tevoren over nagedacht hadden, maar wat een veelzijdig land! Eigenlijk gingen we er alleen heen als ‘tussendoortje’ voor we naar Peru zouden doorreizen én natuurlijk omdat ik van mijn lieve omaatje een bijdrage had gekregen voor een ticket naar de Galápagos, whoopwhoop!!

We beginnen met vrijwilligerswerk, want hoewel we het best goed hebben gedaan met ons budget in Colombia (16 euro pp per dag, jawel), vinden we het ook wel weer leuk om vrijwilligerswerk te doen en ons uitstapje naar het eiland van Charles Darwin zal ons ook echt wel hopi veel geld gaan kosten, dus hop, eindelijk weer eens inloggen op helpx.net. Na hopeloos veel uren en berichtjes naar mensen op de Galápagos, erkennen we dat we genegeerd worden en zoeken we door naar iets aan de kust. En dat vinden we in Manglaralto, vlakbij het surfdorpje Montañita. We gaan daar Luis helpen bij het opzetten van zijn cacaofarm. Hij runt dat samen met de über-Amerikaan Teddy en super relaxte Argentijn Andres. We verblijven in zijn hostel, wat eigenlijk niet meer echt up en running is, omdat ie daar geen zin meer in heeft. Onze kamer is prima, we doen veel inspiratie op voor onze ideale keuken en het strand is op 100 meter afstand.

Ons werk bestaat voornamelijk uit het planten van bananenplanten. Huh, bananenplanten?? Het was toch een cacaofarm? Ja, maar, zo hebben wij geleerd, cacao houdt van schaduw en bananenplanten groeien als de brandweer en zijn eigenlijk een natuurlijke parasol. Plus ze houden super veel van het milde klimaat van de Ecuadoriaanse kust. Maar niet getreurd, we planten ook cacao en leren veel over het proces en het zijn super aardige en inspirerende mensen die graag alles zo eco-friendly willen doen en maar al te graag ons vragenvuur beantwoorden :). Na 10 dagen besluiten we wel te stoppen, het werk is lichamelijk best wel zwaar en hé, we zijn hier ook gekomen om een beetje te relaxen ;).

Dus we pakken onze spullen, nemen afscheid van deze fantastische mensen en zetten onze tent op bij het Kamala Hostel. Aan het strand! Oh man, wat voelt dat weer goed, wakker worden met het geluid van de golven. We blijven hier ook 10 dagen, we kunnen hier niet zelf koken, maar maken al snel vrienden met de vrouwtjes in Montañita die tongstrelende ontbijtjes maken voor $5. Omeletjes, verse sapjes, fruitsalades, pannenkoekjes, maar met stip op 1 staan toch wel de crepes met oreo’s, nutella en vers fruit. Levenslange mooie herinneringen. Bij Kamala zelf gaat de keuken niet heel erg lekker, we hebben van alle keren dat we besteld hebben, maar 2x hetgeen gekregen waar we om vroegen en 1x werden we er nog ziek van ook. Maar het mag de pret niet drukken, we vermaken ons hier kostelijk met dagelijkse strandwandelingen en clean-ups, de twee ezeltjes (die overigens echt best wel dom zijn, ze zijn ongeveer 3x over onze tent gestruikeld. Onze tent! En zo klein is ie echt niet hoor!), de pooltafel, tafeltennis en het editen van ons filmpje van Colombia. De 10 dagen vliegen voorbij en dan is het op mijn verjaardag tijd om naar de Galapagos te reizen, daarover in een andere blog meer 😉

We hebben een kleine discussie over where to next, gaan we gelijk door naar boven, of maken we nog een tussenstopje in Cuenca. Ik wil wel heel graag naar Cuenca voor de Inca ruïnes die je daar kunt vinden en sinds we hebben besloten naar Centraal Amerika door te reizen en dus niet verder naar het zuiden te gaan, is dit de beste kans om de ruïnes, die onderdeel zijn van de Macchu Picchu, te bekijken. Cuenca ligt super hoog in het Andes gebergte en we verwachten dan ook enorme kou, maar de zon schijnt volop en het is elke dag zo’n 25 graden! We doen uiteraard weer een free walking tour waar we leren waarom de Panama-hat vernoemd is naar Panama, terwijl hij toch echt uitgevonden is door de Cuencanen.

We gaan hiken in het prachtige landschap van het Cajas NP en nemen met dank aan onze hostel-eigenaar, een detour door de jungle. Hij is jarenlang bioloog geweest in dit park en kent het op zijn duimpje, hij kan geblinddoekt een plattegrond voor je tekenen! We dwalen langs meren, bergtoppen, springen over riviertjes, met gevaar voor eigen leven moeten we de detour volgen met behulp van omgevallen bomen en wanen ons zelfs een beetje in Nieuw Zeeland en The Shire. Met name ik heb heel erg last van de hoogte en kom na 4 uur echt bijna kotsend aan het einde van het pad. Gelukkig kunnen we een bus terug nemen en hoef ik de rest van de avond alleen nog maar op bed te liggen 😉

Na Cuenca volgt Baños, de gateway naar de Amazone. Hoewel we super graag naar de Amazone willen, vinden we met name ’13 in een dozijn’-tours en dat willen we eigenlijk niet. Het doet ons denken aan Borneo, wat heel gaaf was, maar niet heel erg uniek voelde. Het is super duur en we sparen dan toch liever even door om op een later moment in ons leven terug te komen en écht diep de Amazone in te gaan. Maar gelukkig heeft Baños nog veel meer! Ons hostel is super leuk, aan de rand, met uitzicht op de bergen en de vulkaan, alles van hout wat echt een warm gevoel geeft en een jong katje waar we meteen verliefd op worden. De eerste dag gaan we naar het welbekende Casa del Arbol, waar je kunt schommelen hoog boven op een berg, met je benen bungelend in een hele diepe afgrond. Het is even eng, maar gelukkig krijgen we de ‘swing’ te pakken en geeft het een enorm vrij gevoel! En mooie foto’s 😉

Om het geld van de bus uit te sparen, hiken we terug naar beneden. Nou, dat hebben we geweten. Het is een hike van ongeveer 4 km, die 800 meter naar beneden gaat. Het is steil, echt heel steil en dat zo’n 4 km lang, met de laatste 500 meter alleen maar trappen. Onze bovenbenen kunnen ons bijna niet meer dragen, we glijden beiden een paar keer uit, ik sta versteld van mijn eigen kracht omdat ik als een soort superheld me aan een overhangende tak weet vast te grijpen en daar met mijn volle gewicht aan hang. Nooit geweten dat ik die snelheid en souplesse in me had! Met moeite komen we terug in het dorpje waar we als beloning eerst de lekkerste hot chocolate van het land bestellen mét brownie uiteraard. Dat hebben we wel verdiend na al die inspanningen.

Naast de schommel en de vulkanen, staat Baños ook bekend om zijn watervallen. In een fietstocht van 16 km zien we maar liefst 7 watervallen! De 1 nog mooier dan de ander en van groot naar klein en van breed tot smal, alle soorten en maten komen we tegen. Joost is als pure waterval-liefhebber zo blij als een kind. Ook omdat ie weer eens mag mountainbiken. Ik daarentegen, voel mijn bovenbenen bij elke trapbeweging, erger me aan het stuur en heb weer eens versnellingen die niet werken :p. Als Joost na de 7 watervallen dan ook nog eens oppert om nog een paar kilometer verder te fietsen voor nog een waterval, haak ik af. De eerstvolgende bus die langskomt is voor mij 😉 Joost besluit ook dat het toch eigenlijk wel genoeg is en stapt gezellig in dezelfde bus. Ook hier hebben we uiteraard weer een warme choco voor verdiend 😉

We blijven nog een extra nachtje om even tot rust te komen en goed uit te zoeken hoe we nou eigenlijk de grens met Colombia op een veilige manier over kunnen steken om op tijd onze vlucht van Cali naar Panama te halen. Want ja, we gaan naar Panama en vanaf daar verder naar het noorden. We vinden Zuid Amerika prachtig, maar kunnen niet goed wennen aan de enorm lange afstanden. Daarnaast missen we toch wel de eilandvibe die voor ons inhoudt dat het strand altijd dichtbij is, dat er veel gesurft wordt, waar mensen op blote voeten lopen, poco poco het dagelijkse motto is en de natuur wat dichterbij is. Dus op naar Midden Amerika!

50 shades of green

Nadat we de steden achter ons hebben gelaten, belanden we in Guatapé, wat bekend staat als één van de kleurrijkste dorpjes van Colombia. Door het plaatsen van een stuwdam, heeft zich hier een enorm meer gevormd, waarbij sommige huizen en kerken het niet overleefd hebben. We hebben een hostel net buiten het centrum geboekt en als we daar aankomen, worden we warm welkom geheten door de hond, 2 koeien en een kat, en voelen we ons gelijk zen. Wat een heerlijke plek is dit! Fantastisch uitzicht op de bergen, het meer, La Piedra en een heerlijke tuin om in te relaxen. We besluiten meteen ons verblijf te verlengen 🙂
De zon schijnt en het dorpje is inderdaad super fotogeniek, Joost weet niet waar ie kijken moet om foto’s te maken en daarom lopen we het hele dorp wel een keer of 10 door (“nog even naar die trap”‘ “oh dit is ook mooi” “kijk daar!”). We ontdekken een tentje waar ze heerlijke taartjes verkopen en daar komen we dagelijks terug om de taart van de dag te keuren. Ook staat net buiten het dorp de bekende La Piedra del Peñol (de steen van Peñol), een rotsblok midden in de natuur waar ze een trap met 897543 treden hebben gebouwd zodat je vanaf daar van een prachtig uitzicht kunt genieten. Uiteraard gaan we ervoor! We hiken er in een uurtje heen en moeten al 500 treden beklimmen voor we nog maar bij de ingang zijn. Ik heb het al compleet gehad met die trap en dan moet je nog 678 treden omhoog. Ik vind dat het voor ons beiden beter is als Joost gewoon lekker alleen helemaal naar boven gaat ;). Zijn uitzicht is fenomenaal, maar ook ik heb 200 meter lager niks te klagen hoor!


We genieten hier nog een paar dagen van de omgeving en de rust, leren nieuwe spelletjes van andere reizigers en genieten van een bumpy ride in de laadbak van een vrachtwagen, die we tegen komen nadat we al 3 uur bergopwaarts aan het hiken zijn. De goden zijn met mij! Na Guatapé stoppen we in Jardín. Je hebt hier prachtige watervallen die we allemaal bezoeken. Het dorpje zelf stelt niet heel veel voor, maar de hot chocolate smaakt hier prima en er zit een super leuk eettentje waar we heerlijke pasta’s en curry eten.

Onze laatste stop in Colombia is Salento, bekend om de vallei met de hoogste palmbomen ter wereld, die willen we uiteraard zien! De weg naar Salento toe is memorabel. Een afstand van 50 km duurt gemakkelijk 3 uur. We rijden langs diepe kliffen met haarspeldbochten en door groene bergtoppen. Onderweg krijgen we een lekke band, maar met behulp van een tegemoetkomende buschauffeur zijn we snel weer op weg. Ook in Salento vallen we meteen voor de charmes van de omgeving, overal waar je kijkt is het groen. Op onze eerste avond lopen we Thierry en Marleen tegen het lijf, it’s a small world 😉 We pakken een taxi naar de vallei en Joost z’n grondige voorbereiding leert dat er 2 routes zijn. Ik kies uiteraard voor de korte, die ook al snel 3 uur hiken is. De vallei is inderdaad prachtig, helaas op de foto’s kun je niet alle kleuren groen goed terug vinden die je hier ziet. We hiken iets meer naar boven, tot boven de wolken in the cloudforest. Na zo’n 3 uur echt alleen maar bergopwaarts lopen, zijn we eindelijk op de helft! Die korte route kan ik wel vergeten, die bestaat helemaal niet 😉

We gaan terug door de jungle, door de hevige regenval is het erg slippery, maar ook erg mooi. Krakkemikkige bruggetjes en her en der wat stenen om de rivier over te komen, we voelen ons net Tarzan en Jane! Na 13 km lopen, komen we dan eindelijk bij de laatste boerderij, we made it! En oké, ook al heb ik weer heel wat afgeklaagd, het is echt onwijs de moeite waard ;). Omdat we het dorp zo leuk vinden, verhuizen we naar een ander hostel, meer op het platteland tussen de koetjes en de geiten. We ontdekken een pad achter de finca die leidt naar een geweldig uitzichtpunt waar we een hele tijd zitten en enorm genieten van de rust.

We lezen op internet dat je vanuit Salento ook naar een waterval kunt lopen en gezien onze liefde voor watervallen, willen we dat natuurlijk ook graag doen! Het begin voelt een beetje raar, omdat overal borden staan met ‘geen toegang’, maar als maps.me een pad aangeeft, moet het wel goed zijn toch? Uiteindelijk komen we bij een boerderij die een kleine bijdrage vraagt om over hun land te lopen, de boerin leidt ons door koeienstallen en wijst ons de rest van de weg, daar dragen we graag aan bij! Wederom zorgt de regen voor een uitdaging, er heeft zich op het pad een rivier gevormd die er normaal niet is. En best hoog en met een sterke stroming ook nog! Maar we laten ons niet uit het veld slaan, schoenen uit, broek oprollen en gaan! Na 2 uur lopen komen we bij nog een boerderij, waar ze een plattegrondje hebben gemaakt. De waterval is op het land van de boer, maar hij laat graag anderen er ook van genieten. Hij vertelt ons dat er zelfs 3 watervallen én een natural pool zijn! We gaan overal heen, Joost neemt een duik in het ijskoude water en na wederom zo’n 10 km gehiked te hebben, hebben we een heerlijke dag gehad, middenin de natuur en zonder hordes toeristen, een absolute aanrader!

Omdat we verplicht waren een doorreis-ticket te boeken, zit onze tijd in Colombia er helaas alweer op. We zouden graag nog veel meer willen zien, de Tatacoa Desert, Cali en de (op dit moment onveilige) zuidkust, maar dat geeft ons ook een reden om nog eens terug te komen. Colombia, tú es muy hermosa ❤️

Stedentripjes

Time flies when you’re having fun en dat merken we maar al te goed! Nadat we de nachtbus hebben gepakt naar Santa Marta (wat echt een hel was, want omg wat een misselijkmakend en ijskoud ritje was dat!) verdiepen we ons eens in het Tayrona National Park, waar eigenlijk elke reiziger wel heen gaat. Na een praatje met de hosteleigenaar, wat informatie van internet en verhalen van medereizigers, besluiten wij om toch niet te gaan. De entree is vrij hoog, we zouden dan nog zeker 1,5 uur moeten lopen mét onze tassen voor een plekje waar we onze tent op kunnen zetten en we zijn dan gedwongen daar geld uit te geven aan overpriced eten. De stranden schijnen mooi te zijn, maar zoveel geld willen wij daar niet voor neerleggen. En 1,5 uur lopen met die tassen op onze rug, dat schrikt mij dan weer een beetje af, want echt geen enkele weg in Colombia is gewoon vlak!

We ontdekken Santa Marta, waar we wederom een verkeerde bus nemen, dat wordt toch een beetje een ding hier in dit land :p, waardoor we 1,5 uur in de bus zitten en een compleet rondje stad én buitengebieden hebben gedaan om vervolgens in the middle of nowhere uit te stappen en op goed geluk wachten op een bus die ons mee terug kan nemen naar de stad. Die vinden we al snel, maar deze buschauffeur heeft er een sport van gemaakt om de bus zo vol mogelijk te krijgen, echt élke passant nemen we mee en elk klein dorpje rijden we door om passagiers op te pikken. Gelukkig hebben we geen haast, want we hebben echt ruim een halve dag in de bus doorgebracht :p

De volgende dag rijden we door naar Cartagena, we hebben een super leuk hostel mét fantastisch ontbijt (thanks to the Italiaanse eigenaresse) en delen een kamer met 4 Belgen. We hebben 2 volle dagen de tijd om de stad te ontdekken, die echt bezaaid is met frozen yogurt winkeltjes, ik ben fan! We gaan lekker naar het strand en besluiten nog een aantal dagen bij te boeken in een hostel met zwembad, gewoon om even lekker te relaxen. Dit hostel ligt iets meer achteraf in een echt lokaal buurtje, waar we de enige westerlingen zijn. We zijn dan ook best een opvallende verschijning, het is even wennen aan dit sfeertje, maar uiteindelijk raken de mensen aan ons gewend, durven ze gedag te zeggen en vinden ze het prachtig als we iets terug zeggen. Maar aan de andere kant: ook een plek waar Joost op elke straathoek coke aangeboden krijgt en ik door elke man aangesproken word en ik me toch niet altijd helemaal op mijn gemak voel. Echt onveilig voelen we ons gelukkig nooit.

Na een weekje ontvluchten we de drukkende hitte en stappen we in het vliegtuig naar Medellín. In één klap zijn we verliefd op deze stad! Zo georganiseerd (lekker overzichtelijk voor Amber), een goed werkend openbaar vervoer systeem, heerlijk temperatuurtje (lekker voor Joost), prachtige uitzichten en een geschiedenis waarover je niet uitgepraat raakt. Alles nemen we in ons op. We wandelen de hele stad door met een gratis tour waar we alles horen over de geschiedenis, we gaan op zoek naar Comuna 13, eens de meest gevaarlijke wijk van Medellín en praten daar, met behulp van een Colombiaanse Belg, met een jongen die in deze streek is opgegroeid en zijn enorm onder de indruk van de mentaliteit en veerkracht van de bevolking, we pakken de kabelbaan (die onderdeel is van de metro) omhoog naar de hoogste bergtoppen, spreken af met Chung en gaan een avondje met hem en zijn voltallige hostel op stap en sluiten af met een dagje National Park. Van alle steden die we in Colombia gezien hebben, vinden we Medellín toch echt wel de leukste en de meest interessante. Ook Narcos wordt opeens een stuk interessanter, omdat Pablo in deze stad het meest actief was en zijn sporen heeft achter gelaten. Veel dingen zijn opeens herkenbaar!

Hoewel we best nog wel wat langer in Medellín hadden willen blijven, lokt de natuur ook wel weer heel erg. Dus de komende dagen gaan we weer lekker op zoek naar kleine dorpjes en ongerepte natuur.

 

Back on the road again!

We zijn nu een weekje onderweg en it feels gooood! Het is zo heerlijk om weer dat ultieme gevoel van vrijheid te ervaren, om nieuwe landschappen en culturen te ontdekken en om te doen wat we willen.

De vlucht was een beetje eng doordat we dwars door een onweersbui vlogen, maar eenmaal in Colombia werden we warm ontvangen. Bij de douane had ik mijn immigratiekaart niet netjes ingevuld (thanks to de turbulentie) en mocht ik eigenlijk niet door. Nieuw kaartje gepakt, douane beambte die even wilde flirten en 10 seconden later was ik er doorheen 🙂 In de taxi knopen we een praatje aan met de taxi chauffeur en dat ging verbazingwekkend goed! Hij snapte ons en wij snapten hem. Ook het hostel ontvangt ons met open armen, het is feest in La Candelaría, dus we besluiten nog even de stad in te gaan. Helaas te laat, want 12 uur sluit alles en iedereen was dus alweer op weg naar huis. Dan maar lekker ons stapelbedje in, heerlijk!

Bogotá ontdekken we door een gratis stadstour, waarbij we genieten van lokaal gebrouwen chicha en de kennis van de gids. We gaan met een treintje omhoog de Monserrate op (3200 meter boven zeeniveau) en slenteren door de straatjes. Het imago van het land leidt nog steeds een beetje onder het toenmalige regime van Pablo Escobar, maar de bevolking doet enorm haar best om dat van zich af te schudden. Steden worden opgeknapt, toeristen worden warm onthaald en er komen meer en meer attracties.

Vanuit Bogotá reizen we door naar Villa de Leyva, een stadje dat heeft stil gestaan in de tijd. Alweer treffen we het met ons hostel, Alexandra is super lief en maakt elke dag op verzoek een ontbijtje voor ons. Ook hier beklimmen we een berg, bezoeken we een terracotta huis, maken we vrienden met de lokale straathondjes en hoppen we van plaza naar plaza. Gelukkig zijn de Colombianen net zo gek op pleintjes als wij, elk dorp heeft er wel één! Heerlijk om even lekker te chillen en mensen te kijken 🙂

In Villa de Leyva zoeken we de bus naar San Gil, we ontmoeten 2 andere backpackers en hebben een gezellige busrit met z’n allen. Het overstappen van bus naar bus verloopt nu vlekkeloos 😉 Onderweg hebben we politiecontrole, iedereen moet uitstappen, alle tassen en ID’s worden gecontroleerd, telefoons worden gecheckt (erg tricky met mijn los zittende scherm, leg dat maar eens uit in het Spaans :p) en de heren worden hardhandig gefouilleerd. We snappen niet goed of dit routine is of dat ze echt ergens naar op zoek zijn, maar iedereen in de bus wordt goedgekeurd en we mogen door! De rit naar San Gil is prachtig, we rijden door en over bergen met geweldige uitzichten. Onderweg niets dan bachata door de speakers, dus wij zijn blij!

San Gil is niet bijzonder, maar de dorpjes er omheen zijn des te mooier. Ook hier heeft de tijd stil gestaan. We hiken door de bergen van Barichara naar Guane, een dorpje waar 200 mensen wonen en de kerk door de luidsprekers roept als iemand iets kwijt is. Ramen en deuren staan overal open en het heeft een hele chille vibe. We ontmoeten Colombio, een local die graag voor ons wil koken en ons ‘zijn’ dorp wil laten zien, alle reizigers moeten weten hoe mooi en gastvrij het daar is, dat is zijn missie. Puur genieten. De volgende dag nog een zeeeeer uitputtende wandeling (de straten zijn hier steil!!) naar de Pozo Azul voor een verfrissende duik onder een waterval en nu zitten we te wachten op de nachtbus naar Santa Marta. Dat ligt aan de Caribische kust, dus witte stranden en een aangename temperatuur wachten op ons!


2 journeys

Wooow het is alweer 7 maanden geleden dat we ons laatste blog schreven, je zou bijna denken dat SlipperJourney is opgedoekt, maar niets is minder waar! We leven nog steeds ons heerlijke leventje op Curacao samen met Jel en Lys. En ja, dat is al 9 maanden super gezellig! We doen allemaal lekker ons eigen ding en op dagen dat er 2 of meer tegelijk vrij zijn, wordt er altijd wel iets leuks gedaan.

Joost heeft een droombaan gevonden bij Bounty Adventures en gaat 3x in de week naar het tropische Klein Curacao op de catamaran. Daar zwemt ie met de huisschildpad, oefent ie op z’n backflips en crosst ie heen en weer in de dinghy. De andere 2 dagen staat ie op het strand kayaks en snorkelsetjes te verhuren. 90% van de tijd is daar niet veel animo voor en heeft ie tijd om te leren jongleren, te suppen  en z’n Padi Advanced Open Water te halen. Met recht een droombaan 😉

Ik werk bij Scuba Lodge in de bediening met geweldig leuke collega’s. Het is best hard werken, maar wel met de voetjes in het zand, een fantastisch mooi uitzicht en super leuke gasten. Én 5x in de week wordt er voor me gekookt, dus met recht ook voor mij een droombaan! Van Jelmer heb ik al de bijnaam ‘Amber Wereldstage’ gekregen, wat ik te danken heb aan het feit dat door de gezelligheid het naborrelen na werktijd nog wel eens uit kan lopen tot in de vroege ochtenduurtjes 😉

Maar ook naast het werk is het hier super leuk, we halen achterstallig slaap in op het strand, we gaan lekker lunchen en uit eten en strepen dingen af uit het bucketlist boek. Zo hebben we al menig cocktail onder een palmboom gedronken, 5 mega bollen ijs besteld (per persoon!) én opgegeten, is er getrouwd / getuige geweest, hebben we een omgekeerd drie gangen menu gegeten en eigenhandig de band van onze auto verwisseld. Lys en ik ondergaan graag massages, Jel, Lys en Joost trainen voor de KLM marathon, met z’n vieren proberen we het ene hippe healthboek na het andere na te leven en zorgen we voor ons nieuwe roomie Vinnie. Met z’n tweetjes passen we op huizen van hondeneigenaren die op vakantie zijn. Dit laatste brengt ons naar prachthuizen aan het water, met privézwembad, heerlijke tuinen en nog mooiere auto’s. En niet te vergeten de lieve hondjes waar we op mogen passen 🙂

Vanaf vandaag gaan we echter iets nieuws uitproberen: Joost heeft behoefte om weer even naar NL te gaan, te bonden met z’n neefjes en de feestdagen lekker thuis te vieren. Daarnaast wil hij super graag naar Nepal om een 12 daagse wandeltocht te doen in de Himalaya. Daarvoor moet je toch behoorlijk gek in je hoofd zijn, dus ik heb besloten dit vooral aan Joost over te laten. Ik heb vanaf september een nieuwe uitdaging gekregen als supervisor bij Scuba Lodge en dat is echt super leuk gebleken en ik ben dan ook nog niet klaar met deze uitdaging. Vanaf 10 november zullen onze wegen zich dan ook tijdelijk even splitsen. Super moeilijk, vooral als je bedenkt dat we een jaar lang letterlijk 24/7 bij elkaar zijn geweest, maar we zijn er ook trots op dat we elkaar deze vrijheid gunnen en dat we er van overtuigd zijn dat onze liefde sterk genoeg is om ook op grote afstand niet te bekoelen 🙂

Dat we samen weer verder gaan reizen staat als een paal boven water, de working holiday visas voor Australië zijn in the pocket, we worden weer wat actiever op reisfora en het dagdromen neemt steeds grotere vormen aan. Exacte data en bestemmingen zijn nog niet bekend, maar we houden jullie uiteraard op de hoogte van al onze plannen! Our SlipperJourney will continue..

Bon bini na Curaçao

De 3 weken Nederland zijn voorbij gevlogen en het is alweer tijd om naar Schiphol te rijden. Jelmer en Lysanne hebben ons aangeboden om bij hun in te trekken, zodat wij kunnen werken en onze spaarrekening aan kunnen vullen. Dat lijkt ons wel super gezellig, dus we maken graag gebruik van dat aanbod 🙂 Het afscheid is een stuk makkelijker, we weten dat we vrijwel iedereen in april weer gaan zien.

Na een uitstekende vlucht met hutspot op het menu, landen we in de middag op Hato. De paspoortcontrole duurt hier altijd een tijdje, maar gelukkig hoeft onze bagage niet nog eens door de scan, dus daar winnen we tijd. Ingeburgerd als ze is, komt Lys net aanlopen op het moment dat wij de schuifdeuren doorlopen, wat een timing! Ook hier voelt het gelijk weer vertrouwd en als vanouds. We eten ’s avonds met z’n drieën en gaan daarna nog even een drankje doen bij Jel, die is op woensdag altijd tot laat aan het werk en nu hebben we hem ook vast gezien.

Wij gebruiken de eerste dagen een beetje om de omgeving te ontdekken en later in de week beginnen we met solliciteren, we zijn hier immers ook om te werken. Joost kan al vrij snel een baan krijgen bij een restaurant, waar hij na 3x werken ook weer opzegt. Het is niet zijn stijl en hij heeft er weinig plezier in en we hebben juist afgesproken dingen te doen die we leuk vinden. Gelukkig kan hij twee dagen later bij Bounty Adventures beginnen als crewmember. 2x in de week vaart ie naar Klein Curaçao, waarbij hij de gasten moet vermaken met een praatje, hapje, drankje en snorkelen. De 2 andere dagen staat ie op het strand kayaks, snorkels, en SUPs te verhuren en maakt ie tripjes met hotelgasten. Zijn collega’s zijn relaxed en leuk en hij heeft dan ook snel zijn draai gevonden.

Amber kan aan het werk bij een broodjeszaak op Curaçao. De eerste dagen gaan goed en zijn prima te doen, totdat de lokale werknemers erachter komen dat het de bedoeling is dat ze bedrijfsleider gaat worden en voelen ze zich gediscrimineerd omdat een ‘Macamba’ (soort scheldwoord voor Nederlander) verantwoordelijkheden krijgt die zij niet hebben. Het ongenoegen van hen uit zich in niks zeggen, niks willen uitleggen, geen vragen willen beantwoorden en rondlopen met een kop als een oorwurm. De komende twee dagen zijn dan ook vreselijk en slepen zich langzaam voort. Er wordt wel met ze gesproken, maar helaas geeft dit geen verbetering. Een andere Nederlandse collega ontvangt zelfs een dreigsmsje! Ook Amber neemt ontslag. Gelukkig heeft ze het druk genoeg met het updaten van de website ;). Er zijn genoeg vacatures, dus een leuke baan komt vast snel, voor deze week mag Joost even kostwinner zijn.

Als huisgenoten hebben we onwijs veel plezier. Als we alle vier vrij zijn, trekken we er altijd op uit in de familiewagen, beginnen we de dag sportief bijvoorbeeld met het beklimmen van de Christoffelberg of snorkelen met zeeschildpadden en eindigen we steevast op het strand. Vaak met een appelgebakje om de verloren kilo’s er weer aan te eten. Hoewel de huisregels dagelijks aangepast worden, kan iedereen zich er altijd snel in vinden en passen we ons moeiteloos aan elkaar aan. De koelkast is goed gevuld, er wordt stevig op los gekookt en gebakken en we zijn alle vier fan Netflix. Joost en Jelmer zijn fanatiek gaan sporten, terwijl Lys en Amber vooral fanatiek chocola aan het eten zijn. Dat is namelijk één van de huisregels, dat er altijd chocola op voorraad is. Wel vergezeld van een kopje verse gemberthee, want alleen chocola kan natuurlijk écht niet en gember is gezond.

We mogen van dichtbij de voorbereidingen voor the big wedding meemaken en dat voelt heel bijzonder! Ook het eiland bevalt goed, het is weer even om aan te passen aan de plaatselijke cultuur en gebruiken, maar gelukkig zijn Jel en Lys al aardig aangepast en kunnen we altijd op hun steun rekenen. Ja, wij gaan ons hier nog wel even vermaken!

Surprise!

Surprise? Jazeker, want we zitten in het vliegtuig richting Nederland! Bijna niemand weet ervan en dat wilden we graag zo houden. Lieve Titia wordt bijna 30 en krijgt een welverdiende surpriseparty en wat is nou leuker dan dat wij daar ook opeens voor de deur staan? We willen dit voor geen goud missen! In het vliegtuig vanaf Tokyo geniet Joost nog één keer van de sushi en maken we ons klaar voor een reis van 25 uur. Als we overstappen op het vliegtuig naar Amsterdam en weer tussen de Nederlanders zitten die praten over werk, drukte en ongelezen e-mails, zijn wij zooo blij dat we ons Nederlandse bezoekje van tijdelijke aard is.

We komen aan op donderdag en daar staan onze ouders en Joost z’n zus en neefje én Rogier ons op te wachten. Dikke kussen en knuffels e het is gelijk weer vertrouwd en alsof we nooit weg zijn geweest. We moeten nog even undercover blijven, want morgenavond is de surpriseparty pas. Joost gaat met zijn ouders mee naar huis en Amber met haar moeder. Voor het eerst in een jaar tijd dat we niet naast elkaar liggen en elkaar langer dan 2 uren niet zien! Das even wennen..

Amber gaat gelijk langs oma, die haar geluk niet op kan en zienderogen opknapt van het bezoekje. Ze heeft de wereld aan eten in huis gehaald, van koek tot gebak tot soep met broodjes. Alles is even lekker, dus de eerste kilo’s zitten er alweer aan ;). We eten ’s avonds allebei lekkere Hollandse pot. Joost vermaakt zich vrijdag met Mats en Amber gaat klussen in het chalet van haar moeder. En dan is het vrijdagavond, met Sanne en Wiets is afgesproken hoe we het doen en hoe laat we bij welke deur staan, spannend.. Vlak voor we daar verwacht worden, gaan we nog even snel langs het Tolhuis, die zich werkelijk het leplazarus schrikken dat wij ineens voor hun neus staan, wat een warm welkom! Zodra Sanne appt dat we mogen komen, lopen we naar de feestlocatie. In alle commotie zeggen we Wiets gedag alsof we hem gister nog zagen en staat Sanne met Tiets bij de verkeerde deur.

En dan gaat de deur open, Tiets weet niet wat haar overkomt en is super blij met deze verrassing! Ze vraagt wel 10x hoe we hier in godsnaam gekomen zijn en volgens mij snapt ze nu nog steeds niet hoe het nou eigenlijk allemaal kon. Een vliegtuig?? Uit Tokyo? En jullie zijn net geland? Waar we zelf even geen rekening mee houden gehouden, is dat de rest van de partygang natuurlijk ook niet wist dat we zouden komen, dus als we de zaal binnenkomen, staart iedereen ons ongelovig aan. We zeggen iedereen gedag, draaien ‘See you Again’ en leggen nog maar eens uit hoe we hier nu gekomen zijn. Degenen die wel wisten dat we zouden komen, denken dat de foto’s en verhalen uit Tokyo heel goed verzonnen en gespeeld zijn, maar we waren er echt! Het is een prachtavond met onze vrienden, lekkere muziek, heerlijke foto’s en fantastische gesprekken, een avond met vele mooie herinneringen.

Die mooie momenten en herinneringen blijven maar komen in de 3 weken dat we er zijn. Amber gaat met de meiden op jurkenjacht voor de bruiloft van het jaar, we eten heel veel Hollandse pot, we bezoeken opa en oma’s, besteden veel tijd met vrienden en familie, klussen in nieuwe huizen, doen spelletjes, maken kennis met nieuwe aanhang, gaan de kroeg in, hebben afterparty’s en genieten er van dat we weer even in Nederland zijn. Het is fijn te weten dat je zelfs na een jaar weg te zijn geweest, weer in zo’n warm bad terug kunt keren, alsof er niets veranderd is en je nooit weg bent geweest. Je pakt de draad weer op, zet gesprekken voort die je normaal over de app of via skype voert en zit bij iedereen op de bank alsof je er wekelijks zit. Met als enige verschil dat er nu een bak M&M’s tussen in staat 😉

Iedereen onwijs bedankt voor de fijne, grappige, mooie, persoonlijke en dierbare momenten die we met jullie gehad hebben! Zelfs al zijn we ver weg, het voelt goed dat echte vrienden er altijd zullen zijn.

Two days in Tokyo!

Vanuit Taipei vliegen we naar Tokyo, waar we midden in de nacht aankomen, het is een kort vluchtje van 2 uur, waarin we niet echt hebben kunnen slapen. Op het vliegveld moeten we wachten op de eerste trein, die om 6 uur vertrekt richting het centrum. Om 6 uur gaat ook pas de kiosk voor de kaartjes open, dus er staat meteen al een gigantische rij. Omdat we er maar twee dagen zien, willen we zoveel mogelijk zien en doen en besluiten we een metropas te kopen waarmee we 48 uur onbeperkt kunnen reizen.

Tokyo is de stad met het grootste metronetwerk ter wereld, dus als we de plattegrond zien, moeten we even wennen aan alle kleurtjes en lijnen die kriskras door elkaar staan. Als we eenmaal boven de grond staan, zien we dat het hier gewoon gesneeuwd heeft! Van vrienden en familie krijgen we zelfs berichten door gestuurd van heftige sneeuwstormen en heel veel sneeuwoverlast hier in Tokyo. Gelukkig voor ons was dat gisteren en is daar vandaag al niks meer van te zien gelukkig.

We vogelen uit waar ons hostel is, met hen hebben we afgesproken dat we wel alvast onze tas kunnen droppen, maar we kunnen helaas nog niet op onze kamer. Geeft niet, want pluk de dag! Om 9 uur reizen we richting het centrum. Uit de National Geographic hebben we een artikel gescheurd met de toepasselijke naam ’48 hours in Tokyo’ en daar maken we ook goed gebruik van!

We gaan in één van de hoogste gebouwen van Tokyo met de lift zover mogelijk naar boven, waar je een 360 graden view hebt over de stad, mét een prachtig uitzicht op Mount Fuji. We bezoeken het drukste kruispunt van de stad (en ja, die is écht heel druk), dagelijks schijnen er 2 miljoen voetgangers daar over het zebrapad te lopen! Uiteraard eten we de lekkerste mega verse sushi op de vismarkt, bezoeken we de prachtige paleizen en stadsparken, gaan we op zoek naar al die rare winkeltjes, kroegjes en mensen die hier in overvloed zijn. We worden geïnterviewd door een groepje kinderen die voor hun Engelse les toeristen aan moeten spreken, doorgronden het metrostelsel, leggen er kilometers in af en vallen rond 16 uur in de metro in slaap. We zijn tenslotte ook al zo’n 30 uur wakker.

Aan het eind van de middag gaan we naar ons hostel, worden we welkom geheten met een traditioneel origami gevouwen briefje, bewonderen we de badkamer en genieten we van de verwarmde wc-bril. Het is best een goedkoop hostel via AirBnB, maar met alle luxe die we ons maar wensen kunnen! We eten broodjes en salade van de 7-eleven en vallen al vroeg in slaap. Gelukkig worden we ook weer vroeg wakker, want dit is ons laatste dagje alweer! We pakken onze spullen in, drinken nog even een kopje thee en hoppen weer in de metro, op zoek naar de sumo arena, want we willen heel graag een wedstrijd bijwonen :). Helaas voor ons is er een groot toernooi die al maanden van tevoren uitverkocht was, dus we kunnen niet naar binnen. Wel zien we veel sumoworstelaars rondlopen in hun kenmerkende broekjes en ook allemaal met zo’n grappig knotje. Ze zijn zo vriendelijk tegen de kinderen die daar rondlopen, je kunt echt merken dat ze hier behandeld worden als filmsterren.

We wandelen door naar een shrine, doen mee aan de Japanse traditie voor het vinden van geluk en hiken een heel stuk door een prachtig park, op zoek naar het bekendste symbool van Tokyo, de Meiji Jingu. Een soort poort die door de toenmalige keizer is neergezet voor zijn maîtresse. We gaan nog een keer naar het hoge uitzichtpunt om een timelapse te maken van de zonsondergang (mislukt helaas) en dan is het helaas alweer tijd om naar het vliegveld te gaan.

De 48 uur in Tokyo zijn voorbij gevlogen en het was uiteraard veel te kort! Wij zijn wel een beetje verliefd geworden op Japan, het land is mooi, op een andere manier dan bijvoorbeeld Nieuw Zeeland, maar mooi is het zeker. De mensen zijn superlief, tradities worden hier in ere gehouden, ze zijn allemaal heel galant met buiginkjes, ze lopen nog in traditionele kleding, het eten is fenomenaal, het openbaar vervoer is megagoed geregeld en hoe druk het ook is, het is nooit chaotisch. We hebben er gelachen om de heerlijk rare cafeetjes, bijvoorbeeld Amber haar favoriet: een café speciaal voor honden inclusief menukaart. Maar ook een kroeg bediend door robots, een club volledig in stijl van de gevangenis, inclusief het verplichte gestreepte shirt wat je aan moet hebben. Iedereen wordt volledig in zijn waarde gelaten.

We gaan zeker terugkomen, en dan het liefst in het voorjaar als de bekende roze kersenbloesem in bloei staat, want die hebben we helaas nu niet gezien. Voor alle liefhebbers van stedentripjes en sushi, vlieg naar Tokyo! Zelfs wij als niet-stedenliefhebbers, vinden het echt een fantastische stad.